verbindt wie mee wil blijven bewegen


Brieven van leerlingen

‘U luistert niet!’ was het verwijt van een meisje uit de negende klas dat mij ’s ochtends na de bel bij de voordeur aansprak. Een stroom van zeker 800 leerlingen passeerde mij, ik kon mij daardoor niet goed concentreren. Ze riep nog iets over ‘worden wie je bent’ en dat dat niet geregeld was op school. ‘Als het belangrijk is, moet je me een brief sturen!’ riep ik de haar na.

Ze heeft gelijk, dacht ik. Ik moest bekennen dat luisteren niet alleen onmogelijk was door al dat schoolgaande volk. Maar dat ik misschien ook met mijn hoofd met andere dingen bezig was. Terwijl het toch gaat om de leerlingen, om wat zij te zeggen hebben.

Gelukkig zorgen tieners er vaak zelf wel voor dat ze gehoord worden. De leerlinge die mij aansprak bij de voordeur, bezorgde mij een dag later een keurige brief, die ik met grote interesse las. De leerlinge uitte haar zorgen over de economisering van het onderwijs. Als rector werd ik gesommeerd om cijfers en leerlingen niet met elkaar te verwarren. Zij eindigde haar brief met de volgende oproep: ‘Vecht voor de vrijeschool! Vecht voor de persoonsvorming!’

De eerste brief die ik als rector ruim vier jaar geleden ontving, ging over het wel en wee van de goudvissen in het aquarium in de gang. Er dreef er eentje op z’n zij. Ik kreeg het verzoek of ik me over zijn gezondheid kon bekommeren. Toen bleef het even stil. Pas het jaar erop druppelden er weer brieven binnen. Brieven over de schoolfietspomp die te allen tijde voorhanden moest zijn voor leerlingen, over een gewonde meeuw die onderdak nodig had en over de zorg om een klasgenoot die heel erge ruzie met zijn ouders had en of ik daar niet iets in kon betekenen. Stuk voor stuk brievenschrijvers die iets op hun hart hadden en antwoord kregen.

Maatschappelijke kwesties

Aangemoedigd door leraren en de leerlingenraad, krijg ik steeds meer brieven en vragen van leerlingen over maatschappelijke of mondiale kwesties. Zo uitten leerlingen hun zorg over het vluchtelingenvraagstuk. De leraren grepen dit aan om in de lessen levensbeschouwing verschillende (ex)vluchtelingen hun verhaal te laten vertellen.

Vaker kreeg ik brieven, en mails van leerlingen over onze toetscultuur en of we dat wilden herzien, over de interne communicatie die verbeterd moest worden en of we de parels (echt, dat woord werd zo gebruikt!) van ons vrijeschoolonderwijs alsjeblieft wilden behouden in al onze veranderplannen.

Waarom veranderde de aard van de brieven? Had het te maken met de veranderingen van de school? Zijn leerlingen meer betrokken geraakt of wordt hun stem meer op waarde geschat? En luisteren we wel echt naar wat ze te zeggen hebben?

Zeggenschap van leerlingen

Dat leerlingen zich hard maken voor goed vrijeschoolonderwijs is een goede zaak. Kinderen dragen iets in zich van de ons toekomende tijd. Als we hen begrijpen dan weten we als lerarencollege hoe we ons onderwijs moeten vormgeven. De ontwikkeling van onze leerlingen moet voorop staan in de onderwijsvernieuwingen die we doorvoeren. Vernieuwingen enerzijds geïnspireerd vanuit de antroposofie, anderzijds ingegeven door de regeldruk vanuit het Ministerie van Onderwijs. In het zoeken naar een juist evenwicht tussen die twee, vormen de leerlingen aan wie we lesgeven een kompas.

De werkwijze van de leerlingenraad is sterk veranderd. Een aantal jaar geleden was er een leerlingenraad die zich vooral bekommerde over een klok die ontbrak in het klaslokaal, de hoeveelheid snoep die werd aangeboden in de kantine of het rookbeleid op school. Belangrijke zaken, zeker voor leerlingen. Maar over het onderwijsbeleid ging het niet of nauwelijks.

Daar is de afgelopen jaren verandering in gekomen omdat we de medezeggenschap van zowel leerlingen als ouders beter georganiseerd hebben. Zo bekommert de leerlingenraad zich om het beleid van school tot aan de leskwaliteit aan toe. In de leerlingenraad is het idee geboren om bijlessen te laten geven door ouderejaars aan jongerejaars. Dit is afgelopen schooljaar opgestart en na evaluatie een groot succes gebleken. In de medezeggenschapsraad zijn het vooral de leerlingen die als er over nieuwe plannen gesproken wordt de beste ideeën aanvoeren. Zo leveren leerlingen een belangrijke bijdrage aan het beleid van de school.

Naast de leerlingenraad worden leerlingen ook gevraagd om feedback te geven aan vaksecties. Als school laten we ons bijstaan door stichting LeerKracht die een aantal instrumenten heeft ontwikkeld om de feedbackcultuur te bevorderen. Leerlingen zullen steeds vaker gevraagd worden om adviezen te geven aan leraren om hun lessen te verbeteren.

Een rector van vijftien jaar

Hoe zou de school eruitzien als ik het rectorschap zou overdragen aan een jongen van vijftien jaar? Dit vroeg ik me af toen na de grote pauze op de derde dag van het nieuwe schooljaar de deur zachtjes dichtviel. Twintig minuten daarvoor had een jongen aangeklopt. Meestal blijven leerlingen, toch een beetje schuchter, omdat ze de rector storen, in de deuropening van mijn kantoor staan. Maar deze jongen ging rustig zitten en sloeg traag zijn linkerbeen over zijn rechterknie als een echt heertje. Ik zat nog achter mijn computer en wilde mijn zin aftypen. Ik werd echter verrast door de jongeman die me vriendelijk maar dwingend vroeg om naast hem plaats te nemen. Hij was immers gekomen voor een goed gesprek.

‘Het gaat niet goed met het onderwijs, dat weet u heus wel.’ Ik knikte wat ongemakkelijk. Meestal zijn leerlingen vrij direct en komen ze vlot op de proppen met hun zaak. ‘Een school is er toch om te leren? Dan is het toch raar dat ik twee uur Engels moet volgen, terwijl ik in Engeland geboren ben. Dat is toch onnodig.’ Ah, de jongeman vraagt om een vrijstelling, dacht ik. Misschien had hij wel een punt. Ik zou een teamleider raadplegen, zei ik hem.

Maar dat was helemaal niet zijn opzet. ‘Het gaat niet om mij, meneer. Maar je zou het onderwijs heel anders moeten inrichten. Ik zou met één uur Engels meer dan genoeg hebben, maar heb behoefte aan vier uur wiskunde. Dat vind ik namelijk echt heel moeilijk. Je zou dus een flexibel rooster moeten maken. Je volgt minimaal ieder verplicht vak één uur per week. Je bent vrij om zelf meer ondersteuning te kiezen of klassen over te slaan als je ergens goed in bent. Dan zou je daarnaast ook nog tijd over hebben om talentvakken te kiezen.’

Talentvakken

Ik was verbluft door zijn uitspraken die volledig aansluiten bij het huidig onderwijsdebat over maatwerk, gepersonaliseerd leren en flexibilisering van de examens. ‘Wat zijn talentvakken?’, vroeg ik geïnteresseerd. ‘Naast de verplichte vakken zijn dat vakken waar je je talent verder kunt ontwikkelen. Dat moet je heel breed zien. Want iedereen heeft eigenlijk een ander talent. Het kan techniek zijn, met computers rommelen, toneelspelen, zingen, fotograferen maar ook wetenschappelijke dingen of onderzoek doen. Minimaal één dagdeel per week werk je aan je talent. Als je meerdere talenten hebt dan kun je ook ’s avonds naar school.’ De jonge onderwijskundige had zelfs op een blaadje een soort rooster uitgewerkt! Hij had pijltjes gezet bij de talentvakken naar de rand van zijn vel. ‘Voor talentvakken heb je ook altijd een expert nodig van buiten. Een toneelspeler, een computernerd enzo.’ Ik was zo verrast dat ik hem vroeg zijn ideeën op papier te zetten en aan mij te mailen. Waarop mijn nieuwe leermeester met een vriendelijke glimlach zei: ‘Heeft u niet goed geluisterd dan?’

Geschreven door Elard Pijnaken

Elard Pijnaken is rector van de Vrije School Den Haag

Uit het schoolkatern van de Seizoener Winter 2016