verbindt wie mee wil blijven bewegen


Samenzijn

Zingen? Het is al winst als er met een YouTube-filmpje wordt meegezongen.

Tevreden en in stilte genieten de kinderen in de klas van juffrouw Janneke van hun boterham. De tafel is mooi gedekt, de kinderogen zijn gericht op het eten en de mondjes doen hun werk.

Vijfentwintig paar ogen tonen verbazing en zijn onder de indruk. De derdejaars pabostudenten weten niet wat hun overkomt. Op uitnodiging van hun leraar Pjotr Timmerman (wij kennen hem onder andere van het technieklandje) bezoeken ze Meander. Met een tasje vol vooroordelen – op de vrijeschool bepalen kinderen (met geitenwollensokken) zelf wat ze doen – zijn ze vanmorgen onze school binnengekomen. Ik vertel ze over ons onderwijs, maar laat het ook graag zien.

Magisch moment

Afgelopen jaar waren Engelse kleuterjuffen te gast. Ik heb toen monden zien openvallen van letterlijke verbazing. We waren in de klas van juffrouw Sara bij een magisch moment. De kinderen zaten in de kring. Je had een speld kunnen horen vallen. De juf wees een kind aan, dat liep naar het midden van de kring waar een mooi tafeltje stond met daarop het heerlijkste, in stukjes gesneden fruit. Het kind pakte een stukje, liep terug naar de stoel en begon te smikkelen.

Een kind ontwikkelt zich door dat wat de ouders en de vrijeschool biedt. Rust, regelmaat en structuur in een veilige omgeving, een opbouw in ontwikkelingsstof die recht doet aan het kind. Sprookjes in de eerste klas, Romeinse rechtspraak in de zesde.

Onlangs sprak ik een leerkracht die basisscholen afgaat om op projectbasis muziekonderwijs te verzorgen. “Het is armoe troef”, gaf ze aan. “Zingen? Het is al winst als er met een YouTube-filmpje wordt meegezongen.” Bij ons wordt er in de kleuterklas eigenlijk aan één stuk doorgezongen en dat leidt tot zesde klassen die vierstemmig van papier zingen. Dat is een voorbeeld van een cadeau dat wij, ouders en school, met elkaar de kinderen geven. Wij willen niet dat leerlingen het behalen van resultaten voor leraren of ouders als doel stellen, maar dat ze een blijvende ontwikkeling nastreven. Interesse in de wereld tonen, dat willen wij kinderen meegeven.

Als ouder en als school maak je keuzes. Het is fijn als die keuzes bij elkaar in de buurt komen. Soms is dat niet zo. Dan is er geen man overboord; het is voor een kind niet verkeerd te leren dat juf soms iets anders vraagt dan moeder.

Omdat de kinderen en leerkracht jarenlang met elkaar verbonden zijn, kennen ze elkaar door en door. Dat helpt de wereld van het kind veilig te maken. Zo’n verbinding overstijgt het ‘gewone’ leren. Voor een leerkracht is het een grote opgave, maar ook een prachtig cadeau. Ik was net 22 jaar toen ik in Eindhoven een eerste klas overnam. Na iets meer dan zeven jaar heb ik mijn klas overgedragen aan een mentor in de derde klas van de middelbare school. Veel van deze oud-leerlingen zie ik nog; soms in het echt en natuurlijk veel op Facebook. Ze kijken voldaan terug op die tijd. Ze hebben het dan niet over taal en rekenen, maar over het samenzijn.

Geschreven door Harry Gubbels

Harry Gubbels is directeur van Meander

Bron: Branding herfst 2016