verbindt wie mee wil blijven bewegen


Tussen de weilanden en boerderijen, in een buitengebied onder de rook van Zutphen en Vorden, is een nieuwe school verrezen. Op 1 juli 2014 is ‘School de Hofakker’ officieel opgericht en is op 1 september 2014 begonnen aan haar eerste schooldag. De school startte met een kleuterklas met een kleuterjuf en een klas waar de lagere schoolleerlingen les krijgen van een meester. Op die eerste schooldag was de school tien kinderen rijk; zes kleuters en vier leerlingen. In januari 2015 is dit aantal gegroeid naar vijftien.

Aan het begin van het schooljaar 2014/2015 heeft de Onderwijsinspectie een bezoek gebracht aan de school, waarna de school nu officieel een erkende basisschool is, maar zij blijft zelfstandig en ongesubsidieerd.

Wat onderscheidt de Hofakker en met welke idealen en drijfveren is deze school opgericht? We nemen een kijkje in deze nieuwe school om er achter te komen hoe het ze tot nu toe vergaat.

Voordat de eerste schooldag daar was, is er door een groepje ouders en (ex)leraren vanaf 2012 gewerkt om deze school op te richten en vorm te geven. De eerste drijfveer van dit groepje was een vernieuwing van het al aanwezige schoolonderwijs in en rondom Zutphen. Er werd op zoek gegaan naar een nieuwe schoolvorm waarin kinderen een actieve verbinding met de natuur aan kunnen gaan, weg van de stadscultuur. Ook voelden de pioniers zich sterk verbonden met het vrijeschoolonderwijs. Het groepje mensen dat vervolgens als werkgroep bij elkaar kwam, had als streven onderwijs vorm te gaan geven dat inspeelt op hetgeen kinderen in deze tijd van ons vragen. Voorbeelden in binnen- en buitenland, zoals de Werfklas in Culemborg en de Boerderijschool in Zijldijk, waren een inspiratiebron en sterkten het ideaal. Vanaf het najaar van 2013 is dit ideaal met anderen gedeeld en zijn er informatieavonden georganiseerd, om de uitgangspunten te delen en meer mensen te zoeken die zich bij het initiatief aan zouden kunnen sluiten. De uiteindelijke initiatiefgroep koos vervolgens twee uitgangspunten en vier pijlers als geestelijk fundament van waaruit de school is opgericht.

Uitgangspunten

Het eerste uitgangspunt van de school is de antroposofie, dat een inspiratiebron is en waarmee het onderwijs en de school worden vormgegeven. Met dit uitgangspunt wordt het kind gezien als een wezen met een eigen levensdoel. De school wil kinderen begeleiden om innerlijk vrij, creatief en onafhankelijk te worden en wil hen helpen om vaardigheden te ontwikkelen om hun levensdoel te bereiken.

Behalve vanuit de antroposofie wil de school ook vanuit vrijheid van onderwijs werken, zodat zij het kind vanuit de eigen visie van de school datgene kunnen aanbieden, wat het kind nodig heeft in zijn of haar ontwikkeling. Het onderwijs wordt ingericht door de leraren en wordt afgestemd op de vragen van het kind. Vanuit de gedachte over de ontwikkeling van een kind, een mens en de wereld wordt gekeken wat goed onderwijs is.

Pijlers

Naast deze twee uitgangspunten heeft de school ook vier pijlers waarop het onderwijs gebaseerd is, namelijk de verbinding met de natuur, kleinschaligheid, gemeenschapsvorming en een alternatieve financiering.

De verbinding met de natuur sluit aan op de ontwikkeling van kinderen. De spiegeling in het nabootsen van jonge kinderen kunnen kinderen vinden in de natuur. Oudere kinderen, van 7 tot 14 jaar, verbinden zich vooral met de natuur door er in te werken. De wil en het verantwoordelijkheidsgevoel worden met het werken met plant en dier gevormd.

De school kiest daarnaast bewust voor een kleinschalig karakter, zodat alle betrokkenen gekend en gedragen worden. Elk individu is van waarde voor de schoolgemeenschap. Door transparantie en begrijpelijkheid in besluitvormingsprocessen ontstaat een gezonde en veilige gemeenschap. Die gezonde schoolgemeenschap is één van de vier pijlers. Die gemeenschap moet actief en modern zijn en er moet een diepe(re) verbinding met elkaar zijn.

Om pedagogisch autonoom te kunnen blijven, kiest de school voor een alternatieve financiering. De financiering bestaat uit ouderbijdragen (naar draagkracht), donaties en sponsoring (mede vanuit het bedrijfsleven). De school is van mening dat wanneer er subsidiëring (vanuit de overheid) zou zijn, de vrijheid van onderwijs in de knel zou kunnen komen omdat subsidie veel voorwaarden met zich meebrengt.

Ervaringen

Als je ’s ochtends langs de nevelige weilanden over modderige landweggetjes aankomt bij de school, loop je langs de schapen, de kippen en de konijnen. Er is een grote kans dat je kinderen ziet schommelen, op een skelter ziet rijden of bij de schapen ziet kijken. Ook wordt er een schapenhok getimmerd en worden de dieren gevoederd.

Kleuterjuf Bianca ervaart, nadat de Hofakker een half jaar open is, dat vooral het buiten zijn en de natuur om de school heen de leerlingen goed doet. De kleuters wandelen veel, en tijdens het wandelen en het buiten zijn, dienen de ontwikkelingsmogelijkheden zich vanzelf aan. De juf hoeft niet meer op zoek te gaan naar manieren om bepaalde leerstofgebieden aan te bieden; dit gaat vanzelf en is een natuurlijk proces. Kleuters ontdekken buiten in de natuur veel zelf. Ze springen over boomstammen, ze bewegen en daardoor is het gezondmakend. Wel heeft de kleuterjuf ervaren dat zij soms moet aftasten bij de kleutergroep of er behoefte is om naar buiten te gaan. Ze onderzoekt dit bij en met de groep en zij merkt dat in de wintertijd de kleuters vaker liever binnen spelen dan buiten, wat wellicht een natuurlijk proces is, omdat de natuur zich in de winter ook naar binnen keert.

De kleuterjuf merkt ook dat er veel initiatief vanuit de kinderen zelf komt, en, omdat zij als leraar vrij is om het onderwijs vorm te geven, zij die vrijheid in haarzelf ervaart én ook bij de kinderen.

Meester Christiaan heeft momenteel zes leerlingen onder zijn hoede, verdeeld over klas 1, 2 en 6. Ze beginnen elke ochtend gezamenlijk in de kring en wordt er gezongen. Dan is er periodeonderwijs, wat een hele kunst is om dat af te stemmen op de verschillende leeftijden. Tussendoor gaan de leerlingen even naar buiten om de dieren te voederen. Ieder  kind heeft daarin een weektaak. Daarna gaat de periode verder, gevolgd door een pauze, waar de kinderen allemaal buiten zijn. Na de pauze is er tijd voor kunstzinnige vakken en oefenuren en één keer in de week gaan de leerlingen op een nabijgelegen boerderij werken. Koken samen met de kleuters behoort ook tot de wekelijkse bezigheden. Samen met de kleuters worden er ook spellen gespeeld.

De leraar probeert de leerlingen allemaal op hun eigen niveau aan te spreken. Van de zesde klasser vraagt dit veel zelfstandigheid en ook de bereidheid om zo nu en dan mee te doen met de liedjes en spelletjes van de lagere klassen. De organisatorische uitdagingen zijn een zoektocht van de leraar. Sommige leerlingen hebben geen of weinig leeftijdsgenoten. Aan de andere kant is het groepsgevoel er wel degelijk en de lagere-schoolklas zoekt bijvoorbeeld samen (met een zesde, eerste en tweede klasser) naar een spel dat ze wel gezamenlijk kunnen spelen. En, het is geen uitzondering dat de zesde klasser door een kleuter op zijn verjaardagsfeestje wordt uitgenodigd…

Christiaan Hartman en Bianca de Ruiter

De ouders en de school

Het initiatief voor de school kwam van ouders en (ex)leraren. Zij trekken nu samen op, ieder op zijn of haar geëigende plaats in de gemeenschap. Dat wordt zichtbaar in de organisatie van de school en in de werkwijze waarvoor gekozen werd. Binnen een coöperatieve vereniging vormen de leraren een eigen maatschap, verantwoordelijk voor de pedagogie. De ouders zitten in verschillende initiatiefgroepen, die de financiën, de PR en de locatie beheren. De basis van het samenwerken wordt gevormd door het gesprek, bijvoorbeeld over de hoogte van de ouderbijdrage en de gedragen besluitvorming. Dat gaat met vallen en opstaan, want er moet veel geoefend worden in dit tijdperk van groeiende individualisering; en er moet hard gewerkt worden om de nodige financiële middelen bijeen te krijgen.

Toekomst

Zo wordt op allerlei terreinen en gebieden in en rondom de Hofakker gezocht. De school is nieuw, werkwijzen en keuzes zijn nieuw en dat vergt tijd. Maar nieuwigheid en het zoeken zorgt er ook voor dat opnieuw ontdekt en gevormd kan worden. Op de Hofakker wordt ervaren dat dit zich bijvoorbeeld op een mooie manier uit in de jaarfeesten die gevierd worden. Bij elk feest wordt gekeken welke verbinding de school met het feest heeft, wat er gedaan wordt, hoe en waarom? Hierdoor ontstaan pure feesten, waarin er echt verbondenheid is met het feest.

Vanuit hun visie, vanuit de werkwijze, vanuit de gemeenschap om de school heen en vanuit de ervaringen tot nu toe is de school klaar om uit te breiden (wel met een limiet, want het kleinschalige blijft) en om uiteindelijk eigen beheer over een locatie te hebben. Genoeg nog om naar te zoeken, naar te streven, om te scheppen en om te vormen…

***

Van de redactie: als u na het lezen van het bovenstaande artikel geënthousiasmeerd bent en een financiële bijdrage zou willen leveren aan dit initiatief, kan dat via de organisatie. Bij voorbaat dank!


Meer achtergronden

Alle achtergronden